eigen foto: Givet 2026
Toreneindspelen: it never stops (uit Givet en andere tornooien)
Weer een artikel toreneindspelen...Zonder overdrijven komen toreneindspelen voor in 10% van de partijen. Niet onlogisch, want vaak komen deze stukken maar later in het spel en worden eerst andere stukken afgeruild.
In Givet editie 2026 was het weer van dat: in ronde vier won ik een gelijk toreneindspel, in ronde vijf hield ik met wat geluk remise in een toreneindspel, en in ronde zes kon ik een verloren toreneindspel niet redden. Mijn score van 3/6 in Givet lijkt een grote setback tegenover vorig jaar (toen 4,5/6), maar ik heb mijn excuses: het tornooi was zowel zwaarder dan vorig jaar en ik verloor weer eens in de laatste ronde (in tegenstelling tot vorig jaar). Niettemin, wat mij betreft is dit een blijver op mijn schaakkalender. Er is ook voldoende materiaal vanuit andere competities dit jaar (en zelfs collega West-Vlaming Pieter Steen droeg zijn steentje bij met een opmerkelijk eindspel, waar zelfs een toreneindspel met drie pluspionnen in remise had kunnen verzanden).
Schweitzer-Surmont (Givet, ronde 5). Wit is een vrouwelijke IM (º1959), maar haar gloriejaren achter het bord liggen al een tijdje achter haar. Hoewel ze al jaren getrouwd is met mijnheer Schweitzer en in Frankrijk woont, is ze van afkomst Russische, maar ik ben er niet in geslaagd om haar meisjesnaam te achterhalen. Wie haar repertoire tegen het Siciliaans checkt, zal zien dat ze een heel mooi omlijnd repertoire heeft: tegen 2...Pc6 3.Lb5 en Lxc6; tegen 2...e6 gesloten Siciliaans/Grand Prix. Dan zitten de juiste zetten en plannen goed in de vingers, en dat merkte ik ook. Enkel door actief tegenspel kon ik het nadeel binnen de perken houden en in een gelijk toreneindspel vluchten.
Surmont-Van de Velde, Harrie (Givet, ronde 4). Mijn tegenstander was net als ik terug uit retraite gekomen, omdat zijn zoons enige ambitie koesteren op schaakvlak. Zijn rating was dus maar een vage indicatie van zijn werkelijke speelsterkte. Dat bleek, want hoewel ik met voordeel uit de opening was gekomen, maakte hij gelijk en mocht ik blij zijn dat ik een toreneindspel met één pion meer over hield. Maar een gelijke stelling betekent nog niet remise, en met een pion meer, mag je altijd proberen op winst te spelen.
Het laatste voorbeeld – en het eerste toreneindspel dat ik in 2026 op het bord kreeg – was het leuke toreneindspel uit het seniorentornooi van Marienbad. In sommige varianten krijgt wit nog een paard in een poging om de zwarte vrijpionnen te stoppen, in andere varianten offert zwart zelfs zijn toren om zijn pionnen te laten promoveren.
Maar één van de interessantste stellingen was wel deze van Pieter Steen in ons kk van Brasschaat. Pol Laporte is een oudstrijder van vele oorlogen en heeft een agressieve, maar soms te oppervlakkige kijk op het schaakspel. Schoonheid en aanvallende mogelijkheden wegen bij hem zwaarder door dan het resultaat. Beter een mooie partij verloren, dan een half punt uit een dode stelling, is zijn motto. In onderstaande stelling gaf hij de moed te vroeg op – maar wie denkt nog aan remise in een toreneindspel met drie pionnen achter?
Ik blijf dit fascinerend vinden - en hopelijk de lezer ook.
Dit alles is misschien easy stuff voor de 2000-plusser, vandaar dat ik ter aanvulling nog even verwijs naar Thibaut's blog, waarvan het artikel van 1 april 2026 (Safety first) ook een toreneindspel in de aanbieding heeft.
En of dat nog niet genoeg is, de laatste partij van Anna Cramling (die ik ooit eens in het lokaal van de KGSRL gezien heb - als mijn ogen mij toen niet bedrogen) in de Menorca open bevatte ook een toreneindspel - haar uitleg over hoe verwarrend een "simpele" winst kan zijn zegt veel over het verschil tussen goede en zeer goede spelers.
Natuurlijk zijn er nog de toreneindspelen van het kandidatentornooi, maar daar zijn alle lezers wel van op de hoogte, vermoed ik.